Marc – vorm

Letters van licht. Door het weghalen van materiaal vorm je letters in steen. Handgehakt letterwerk in natuursteen is niet meer of minder dan een patroon van onregelmatige vlakken onder een gelijke hoek in het steen oppervlak. De v vorm van de incisie bepaalt de diepte van de letter. Het invallende zonlicht zorgt voor verschillen in licht- en schaduwvlakken van de tekst. In goed handgehakt letterwerk zie je de draaiing van de aarde ten opzichte van de zon.

De capitalis monumentalis, de Romeinse kapiteel, speelt enorm met deze effecten. Niet alleen verschilt de stokbreedte per letter, en dus ook de diepte, maar de letter heeft ook nog eens de prachtige schreef die het gevolg is van de begin- en eindstand van de beitel.

In Of the Just Shaping of Letters uit boek 3 van The Applied Geometry heeft Albrecht Dürer ons zijn versie van de letter nagelaten.

Lisette – rot

Ik volg het vlas als het van het land komt. Hoogtepunt was het rotten van bossen vlas in een sloot. Rond 7 dagen, niet te lang, niet te kort, een goede watertemperatuur, licht stromend water. De vezels lieten los. Ik was stil.

Jolanda – mee

‘Niet ik
maar God in mij’

De Lutherse mis in de Dom van Uppsala was ontroerend geweest. De muziek, de Zweedse taal, de stilte in die eeuwenoude ruimte. Na afloop was daar opeens die kaars, en die woorden. Dagboekwoorden van Dag Hammarskjold, geschreven in 1953, enkele dagen voor hij onverwacht werd verkozen tot secretaris generaal van de VN. Een roeping van Godswege. ‘Niet ik maar God in mij’. Woorden, echo uit het verleden, geënt op woorden van Meister Eckhart.

Woorden, aangereikt uit diepe bronnen, ik draag ze met me mee, komen tot leven in eigen bestaan.

Anjet – boom

Ik begon in het atelier. De boom die er al jaren stond riep al een poosje. Ik was er ooit eerder al aan begonnen maar weer gestopt. Nu trok hij me terug de werkplaats in. Ik ging lekker. Tot Marc zei: 'Moet die boom niet in de kerk?' Ik kreeg buikpijn, dacht ’nee, want ik ga hier zo lekker’, en wist ‘ja, dat moet wel’. Dus de steen gaat opzij, en de boom gaat mee. De boom vindt dat ook een goed idee.

Wouter – plek

Is een leven een verzameling van de dingen om je heen?

In de wereld vol dingen en vol woede, waar vind je plek om te zijn, te blijven?

Waar kun je geborgen zijn?

Marc – materiaal

Materiaal.

Het liefst hak ik teksten in Belgisch hardsteen. De hardheid en consistentie hiervan past perfect bij de scherpte van het inzetten van een handgehakte letter. Bewerkingen van het materiaal zoals zoeten of polijsten zorgen voor een prachtig contast tussen licht (de beitelslag) en donker (de gepolijste oppervlakte).
 
De vorming van deze steen spreekt erg tot mijn verbeelding. De steen is 350 miljoen jaar geleden ontstaan in het vroeg carboon. Een vochtige en beklemmend hete periode waarbij landmoerassen werden afgewisseld met de vorming van ondiepe binnenzeeën. In de moerassen konden planten zoals heermoes uitgroeien tot een lengte van meer dan 25m. Heermoes haalt uit grote diepte silicium omhoog. In de ondiepe zeeën krioelde het van dierlijk leven. De opeenhoping en vermenging van de enorme lagen plantenresten (met silicium) en de
stoffelijke overblijfselen van organismen uit de zee (kalk) hebben, denk ik, tot de genoemde eigenschappen van Belgisch hardsteen geleid. Door de vele fossielen, aders, kalkinsluitingen is Belgisch hardsteen een zeer rijk getekend materiaal. Bijna net zo rijk en getekend als het universum. Letterlijk microkosmos en makrokosmos en, als ik er mee werk, mij daartussen in.

Lisette – vlas

Vlaszaad gezaaid in de tuin. Ik wil de plant graag leren kennen. Zien hoe ze groeit, wie haar helpt en wie haar belemmert. Ik besef dat veel  voor mij verborgen blijft.