Agneta Evenhuis

Westernieland

buigen [krommen] mnl bjegen; mnd bugen; nfri bûg(j)e; <pgm *būgan-; ohd biogan; got biugan; pgm *beugan <*pie bʰeugʰ- buiging [verbuiging, vervoeging] vnnl buighing [flexie] [twe-spraack] flexie [buiging van ledematen, verbuiging van woorden] <lat flectere [veranderen] declinatie [verbuiging, afstand tot hemelequator] <lat dēclīnātiō [afwijking van een rechte lijn] <pie klei- [hellen, neigen]

berichten van Agneta