Den Andel
‘Wat gij zaait wordt niet levend gemaakt indien het vooraf niet sterft.’
Deze woorden staan op een klein borduurwerk van Joanna Wichmann. Tijdens mijn onderzoek naar haar werk blijf ik erbij stilstaan. Ze zijn mee gaan lopen in mijn eigen werk. Niet omdat ik begrijp wat er staat, maar omdat het iets opent.
Rond 1937 maakte Wichmann textielkunst voor kerken. Op stof borduurde zij haar geloof, haar vragen en haar ervaringen. Steek voor steek, in een eigen handschrift.
Ik vraag me af of we nog open kunnen kijken naar zulke heilige kunst. We willen veel verklaren. Oordelen ook. We willen weten wat iets betekent. Maar soms hoeft dat niet.
Voor mij zit het heilige niet in het antwoord, maar in de ruimte die open blijft. Zoals een kale akker na de oogst. Een kraai die opvliegt.
De schaduw blijft nog even achter.
berichten van daphne
Daphne – verder
Ik ben in de stilte aangekomen. De kerk is thuis. Beweeg mij tussen al mijn garens, die op kleur over de kerkbanken hangen en zich over de stenen vloer verspreiden. Pas later lees ik de woorden in steen:
‘de onsterfelijkheid aan het licht gebracht’
Gisteren waren we open voor bezoekers. Er ontstonden mooie gesprekken, gesprekken die mij verder helpen. Want wat zij zien, is niet het afgeronde werk, maar mijn weg ernaartoe. De vragen die ik mezelf in stilte stel.
Dan is het fijn om die vragen te delen. Om te luisteren naar hoe zij het ervaren, wat zij zien en voelen. Het helpt het om even samen stil te staan, om daarna weer alleen verder te gaan.
Onderweg.
Daphne – vandaag
Ik werk op duuster, vanochtend de geweven lichte stof op tafel gelegd in de kerk. Gouddraad. Licht.
Speciaal gekocht voor monnikenwerk. Het was een zoektocht om deze stof te vinden. Daar hou ik van.
Van riet en veren heb ik al een kruis gemaakt.
‘Achteloos’.
Vandaag gaat het me lukken, trek ik draden tot een kruis.
Is het vastgelegd.
Daphne – kroon
De stilte van de kerk komt over mij.
Het is zes uur in de ochtend. Ik word wakker in de kerk. In het eerste licht hang ik de papieren vogelkroon hoog in het gewelf. Ik rol mijn matje op en leg op die plek een voerlaken neer.
Maak een vogelgraf.
Daarna ga ik opruimen. Al mijn werk van de afgelopen jaren ligt overal. Ik berg het op, leg het van me af. Schoon van binnen.
Ik lees mijn tekst in de kroon.
O vogelziel, zie hoe mijn kroon van papier mij vederlicht maakt.
Ik was het vergeten.
Daphne – kruis
De kerk begint mij te omarmen.
Een zwart kruis van stof. Dat is het eerste wat ik zie als ik mijn kerk binnenkom. Ik leg mijn borduurwerk eronder. Het resoneert. Buiten vind ik twee zwarte veren. Ik leg ze kruislings op elkaar. Ineens is er betekenis. En toch: het zijn gewoon twee veren van een kraai.
Daphne – woorden
Vandaag schrijf ik ineens de woorden geloven en schepping.
In de kerk van Den Andel zullen ze anders klinken. Daar hebben deze woorden een vaste plek in geloof en traditie. Ik kom er met mijn eigen vragen. Niet met antwoorden, maar om ze te delen.
Van riet
sneed ze een kruis.
Geloven dat hier alles begon.
De schepping